Wandel – wissel uit

1. De kinderen verspreiden zich en lopen rond.
2. De leerkracht roept: “Sta stil” en de kinderen stoppen met rondlopen. 3. De kinderen vormen tweetallen met diegene die het dicht bij staat.
4. De leerkracht stelt een vraag of geeft een opdracht.
5. De kinderen wisselen hun antwoord uit.

Geschikt voor:

1. Open vragen.
2. Informatie uitwisselen.

Geef een antwoord

 

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.